Nieuws

terug

Expositie in Museum More sept t/m januari 2022

27 september 2021 - Landelijk nieuws psychiatrie
TUSSEN WELZIJN EN WAANZIN

In de tijd dat Jan van Herwijnen z’n portretten van psychiatrische patiënten tekende, was de Eerste Wereldoorlog net ten einde en waarde de Spaanse Griep nog rond. Zelf was Jan van Herwijnen (1889-1965) in 1918 opgenomen geweest in een Amsterdamse zenuwkliniek. Daar begon hij medepatiënten te tekenen. ‘Dat moest ik doen – dat was een dwang waar ik niet onderuit kon.’ Na zijn ontslag meldde Jan van Herwijnen zich bij het Willem Arntsz Huis in Utrecht (nu Altrecht). Hij had een missie en kreeg toestemming om als een soort ‘artist in residence’ hun ‘krankzinnigen’ te tekenen. Met deze werken brak hij onmiddellijk door als kunstenaar.
De psychofarmaca die zenuwartsen konden toedienen aan hun patiënten waren rond 1920 nog altijd beperkt. Slaap- en kalmeringsmiddelen waren op dat moment de meest geavanceerde vormen van medicatie. Tegen een stevige psychose was echter weinig te beginnen en alleen de natuur kon een diepe depressie soms verlichten. Als je maar lang genoeg wachtte. In klinieken en gestichten was het regime vaak letterlijk ‘pappen en nathouden’. Goed eten, goed slapen, lauwwarme baden en inwikkeling van het lichaam met droge of natte doeken moesten de gemoederen bedaren of juist opwekken.
Met doorvoeld respect gaf Jan van Herwijnen in zijn tekeningen een menselijk gezicht aan de vrouwen en mannen die met het label ‘krankzinnig’ aan het zicht van de samenleving waren onttrokken. Geen stereotypen, maar door het leven getekende individuen die hij in een gestileerd realisme met stevige contourlijnen op papier zette. De 32 indringende portretten zijn nu in Museum MORE te Gorssel te zien.